Een zintuig is een orgaan dat prikkels in de buitenwereld opvangt en omzet in een elektrische stroom. Deze stroom wordt vertaald tot gewaarwording (bijvoorbeeld zien, horen en voelen). Het menselijk lichaam kent vijf zintuigen, namelijk het gevoel, het gezicht, het gehoor, de reuk en de smaak. Met betrekking tot het duiken beperken we ons tot het gehoorzintuig.

werking van het oorDe delen van het oor zijn:

  • uitwendig oor (geluidopvangend deel), bestaande uit oorschelp, gehoorgang en trommelvlies;
  • middenoor (geluidgeleidend deel), bestaande uit trommelholte met buis van Eustachius, hamer, aambeeld en stijgbeugel (drie gehoorbeentjes) en het ovale venster;
  • binnen oor (geluidwaamemend deel), bestaande uit: drie halfcirkelvormige kanalen, slakken"s en ronde venster.

 

 

Het uitwendige oor wordt gevormd door de oorschelp en de uitwendige gehoorgang met aan het eind het trommelvlies, dat het uitwendige oor gescheiden houdt van het middenoor. Het uitwendige oor is het geluidopvangende gedeelte van het orgaan. De gehoorgang geleidt het geluid naar het trommelvlies, een dun vliesje, dat in trilling wordt gebracht, waardoor de gehoorbeentjes worden geactiveerd. Kleine oorklieren produceren oorsmeer, wat een laag vormt in de gehoorgang. Daardoor is de gehoorgang beschermd tegen beschadigingen en infecties.

Het middenoor bestaat uit een met slijmvlies beklede trommelholte, die in verbinding staat met een aantal met lucht gevulde ruimten in het rotsbeen. Deze ruimten maken deel uit van het middenoor. De drie gehoorbeentjes in de trommelholte vormen een keten, waardoor de geluidstrillingen overgebracht en versterkt worden van het trommelvlies naar het inwendige oor. De hamer ligt met zijn steel tegen het trommelvlies aan, terwijl de stijgbeugel met zijn voetplaat is verbonden met een vliesje van het inwendige oor; dat is het ovale venster. Het aambeeld vormt een verbinding hiertussen. Het middenoor bevat lucht en is door de buis van Eüstachius verbonden met de keelholte; deze verbinding is gewoonlijk gesloten, maar bij het slikken of gapen wordt deze telkens even geopend, zodat de druk aan weerszijde even groot wordt.

Het binnen oor bestaat uit het slakkenhuis en de halfcirkelvormige kanalen. Het ovale venster ligt aan het begin van het slakkenhuis, dat gevuld is met een vloeistof, waarin een aantal orgaantjes (gehoorzintuigcellen) liggen die in staat zijn trillingen om te zetten in elektrische stroom. Men kan dit slakkenhuis opvatten als een lus, waarvan de twee benen zijn opgerold tot een spiraal. De twee benen van de lus zijn wenteltrappen, een opgaande en een neergaande lus, die aan de top van het slakkenhuis in elkaar overgaan. De neergaande trap eindigt tegen het ronde venster. Zonder dit ronde venster zou de vloeistof in het slakkenhuis zeer moeilijk in beweging te brengen zijn, want vloeistoffen zijn niet samendrukbaar. Tussen de opgaande en neergaande trap van het slakkenhuis liggen de gehoorzintuigcellen. Deze worden geprikkeld door de trillingen in de vloeistof. De gehoorzenuw, die verbonden is met het slakkenhuis, vangt de trillingen op en brengt deze over naar de hersenen.

 

Het evenwichtsorgaan, welke zich gedeeltelijk in het middenoor en gedeeltelijk in het binnenoor bevind staat uit drie halfcirkelvormige kanalen die zijn gevuld met vloeistof. In deze vloeistof bevindt zich een soort klepje, dat meebeweegt met de vloeistof wanneer deze in de kanalen stroomt onder invloed van bewegingen. De beweging van dit klepje wordt omgezet in elektrische signalen naar de hersenen, waardoor de positie, van het hoofd wordt bepaald. Aldus wordt ook het evenwicht gereguleerd. Bij sommige mensen raakt het evenwichtsorgaan snel geprikkeld bij bepaalde bewegingen (zee-, wagen- en luchtziekte).

ma di wo do vr za zo
1
2
3
4
5
6
7
8
9
10
11
12
13
14
15
16
17
18
19
20
21
22
23
24
25
26
27
28
29
30
31